Esther Franssens wordt de coördinator van de volledige dames- en meisjeslijn bij Insurea Kontich Wolves, een functie die tot op heden nog niet werd ingevuld en waarmee de club haar positie in de Antwerpse Zuidrand wil verstevigen. Eerder deze week werd Esther ook al aangekondigd als de nieuwe headcoach van de dames.
Een uitdagende rol
De functie van coördinator vormt een hele uitdaging voor Esther. “De club telt vandaag al heel wat meisjes, maar die zitten verspreid en zijn verdeeld over Kontich, Hove en Edegem. Samen zijn dit er al best veel en de insteek is dan ook om hiermee verder aan de slag te gaan. Dit is in het verleden jammer genoeg niet gebeurd en we willen daar vanaf heden komaf mee maken.”
Groei en doorstroming
De club wil snel een volledige meisjeslijn, verspreid over alle leeftijdscategorieën. “Volgend seizoen zullen we minstens één team meer in competitie hebben dan tijdens het huidige seizoen. Jammer genoeg nog geen U14-ploeg, maar Rome is ook niet op één dag gebouwd (lacht). Op die manier willen we een vlottere doorstroming naar de dames verwezenlijken en het niveau van elk team verhogen. Op langere termijn zouden natuurlijk twee ploegen in elke categorie ons veel meer mogelijkheden bieden.”
Belang van een aparte coördinator
De aanstelling van een aparte coördinator voor dames en meisjes is een absolute noodzaak voor de club. “We verliezen inderdaad ieder seizoen meisjes aan andere clubs uit de regio en dat willen we absoluut een halt toeroepen. In de Antwerpse Zuidrand willen we de toon zetten en duidelijk maken dat meisjes, van wie velen hun opleiding hier in onze club hebben gekregen, ook op langere termijn een toekomst hebben bij de Wolves. Iets wat de buitenwereld gerust mag weten, want uiteraard doen we dit alles niet alleen voor de club zelf. Na verloop van tijd moet men de Wolves als een echte concurrent gaan zien als het over meisjesbasketbal gaat.”
Takenpakket en visie
Esthers takenpakket wordt niet te onderschatten. “Klopt, ik ben er nu al elke dag mee bezig. Het wordt een heel uitdagende job, met veel werk achter de schermen. Veel trainingen volgen en uiteraard ook veel wedstrijden bijwonen. Het doel is om alle meisjes en coaches op één lijn krijgen, zodat iedereen achter dezelfde visie staat.”
Op termijn moet dit alles tot een betere doorstroming van de meisjes leiden. “Op dit moment wordt er nog te veel in ‘hokjes’ gedacht. Vooral de U19 vraagt meer aandacht, want op die leeftijd moet je beslissen of je verder wilt met basketbal. Je gaat meestal ook naar de hogeschool en moet voor jezelf uitmaken of je bij de dames aan de slag wil. Dat is een echt kantelpunt. Hoe vroeger we starten met de doorstroming, hoe beter en hoe makkelijker we de stap naar de senioren maken.”
Sportieve ambities
Ook op sportief vlak verandert er het nodige. “Zowel de U16 als de U19 zullen we inschrijven op niveau 2. De U16 hebben dit seizoen al de nodige stappen gezet, met een aantal speelsters van de U14 die een jaar te vroeg zijn doorgeschoven. Dat extra jaar kunnen ze volgend seizoen gebruiken om op niveau 2 aan de slag te gaan.”
Bij de U19 is de situatie iets anders. “Deze ploeg telt niet voldoende speelsters. We zoeken hier dus nog een aantal gerichte versterkingen om de lat hoger te kunnen leggen. Dit is mijns inziens een noodzakelijke stap om een hoger niveau te bereiken en zo de stap naar de dames makkelijker te maken.”
Tweede damesploeg op termijn
Een tweede damesploeg zit er ook aan te komen. “Niet direct voor volgend seizoen, maar wellicht wel voor 2027-2028. Zo kunnen we nog meer U19- en U16-speelsters laten kennismaken met het seniorenniveau, dat toch iets volledig anders is dan jeugdwedstrijden. Meer minuten maken, een tweede wedstrijd afwerken in hetzelfde weekend, meer ervaring opdoen en tegelijkertijd begeleid worden door de senioren zelf.”
“Eerst kwaliteit, dan kwantiteit. Eerst wandelen, dan lopen en dan pas spurten”, besluit Esther.



